Samenvatting Onderwijsbegroting 2012 via SBO
Onderwijsbegroting 2012 Abstract artikel 2 (beleidsagenda) en artikel 9 (arbeidsmarkt- en personeelsbeleid) Deborah van den Berg - september 2011 Inleiding Volgens OCW is onderwijs de software van de economie. Daarom stelt OCW dat ze onderwijs, en ook wetenschap, bij de bezuinigingen ontzien. Daarbij zijn voor 2012 de volgende doelen voor het onderwijsbeleid geformuleerd: 1. Scholen en instellingen met een ambitieus leerklimaat. 2. Goed opgeleide en professionele leraren, docenten en schoolleiders. 3. Scholen en instellingen maken resultaten inzichtelijk en worden aangesproken op hun prestaties. Beleidsrelevante zaken voor de onderwijsarbeidsmarkt • Investeringen in de verbetering van de professionele kwaliteit van leraren en schoolleiders Er wordt extra geïnvesteerd in de verdere verbetering van de professionele kwaliteit van leraren en schoolleiders (€100 miljoen in 2012 en €150 miljoen vanaf 2013). Daarnaast worden goede prestaties sterker beloond door middel van het starten van experimenten. De experimenten zullen opbrengstgerichte beloningen voor (teams) van leraren introduceren (€10 miljoen in 2012 oplopend tot €80 miljoen in 2015). In 2012 worden subsidies versterkt aan de Onderwijscoöperatie (tot 1 oktober de SBL €2,9 miljoen) en Open Universiteit Nederland Ruud de Moorcentrum (€5,8 miljoen) om leraren te ondersteunen in hun professionele ontwikkeling. • Kwaliteit van leraren en schoolleiders duurzaam borgen Met ingang van 2012 wordt de lerarenbeurs exclusief ingezet voor geaccrediteerde bachelor- en masteropleidingen ter verkrijging van hogere kwalificaties voor leraren in het po, vo, mbo en hbo. Het budget voor de lerarenbeurs, met zij-instroomregeling, is circa €77 miljoen in 2012. Met hogescholen worden afspraken gemaakt over het aantal docenten op academisch niveau. Dit moet in 2016 80% zijn. In 2020 is 100% het streven. • Investeringen in beloningen doorgezet De investeringen in beloning voor het onderwijspersoneel, voortvloeiend uit LeerKracht van Nederland, worden doorgezet. In totaal zal €595 miljoen in 2012 beschikbaar zijn, dat aan de lumpsum of als aanvulling op de lumpsum van de instellingen voor po, vo, mbo en hbo zal worden toegevoegd. €443 miljoen is al naar de onderwijssectoren overgeboekt. De invoering van de functiemix in het po en vo en de salarismix in het mbo is in 2020 voltooid. • Kwaliteit lerarenopleidingen verbeteren en leeraanbod vergroten Er zijn diverse acties ingezet om de kwaliteit van de lerarenopleidingen te verbeteren en het leeraanbod te vergroten, zoals het project Eerst de Klas, de uitbreiding van de hbo-kopopleiding en de introductie van de promotiebeurs. In totaal is er in 2012 €28 miljoen beschikbaar. Ook zijn er 56 opleidingsscholen erkend. Zij ontvangen €17 miljoen subsidie om in 2012 gezamenlijk leraren op de werkplek op te leiden. Voor meer informatie zie: http://www.rijksbegroting.nl/2012/voorbereiding/begroting%3Fhoofdstuk=40.19 • Subsidie Vervangingsfonds Via een subsidie van €7,9 miljoen aan het Vervangingsfonds investeert OCW in het arbeidsomstandighedenbeleid, het (ziekte)verzuimbeleid en re-integratiebeleid (AVR-taken) in het primair onderwijs. Voor andere sectoren loopt dit via de lumpsumbekostiging. • Vereenvoudiging financiering onderwijs De bekostiging van het onderwijs wordt vereenvoudigd, door bijvoorbeeld in 2012 het aantal subsidies te verlagen en daarnaast een prestatiebox in te voeren voor het po, vo en mbo. Deze middelen moeten door schoolbesturen worden ingezet met het oog op het verhogen van de kwaliteit van het onderwijs. Er komt volgens OCW minder bureaucratie en meer onderwijskundige regelruimte. • Experimenten met sectoroverstijgende samenwerking In regio’s waar de bevolking krimpt, zullen experimenten met sectoroverstijgende samenwerking starten. • Grote verandering op het terrein van passend onderwijs Het kabinet heeft op het terrein van passend onderwijs gekozen voor een grote verandering. In de loop van de tijd is volgens OCW een onhoudbaar stelsel ontstaan, met teveel bureaucratie, ondoelmatigheid en uit de hand gelopen financiën. Schoolbesturen zullen nieuwe samenwerkingsverbanden van regulier en speciaal onderwijs vormen. In deze samenwerkingsverbanden worden de schoolbesturen op basis van hun zorgplan verantwoordelijk voor het toewijzen van aanvullende ondersteuning en begeleiding en de verdeling van de bijbehorende middelen. Samenwerkingsverbanden ontvangen hiervoor gebudgetteerde financiering (het zorgbudget). Bij de uitwerking van passend onderwijs wordt, waar mogelijk, rekening gehouden met de toekomstige ontwikkelingen op het terrein van de jeugdzorg, de Wet werken naar vermogen en de AWBZ. |
